Wieler Toer Club De Hellen

Inlogformulier

Zoeken

Artikelen

Mijn kennismaking met de Honderd Cols Tocht

Door: Piet van Tongeren
Foto's: Piet en Maartje van Tongeren, 
Rutger en Piet Kuijten

 
Vrijdag, 25 september 2015
 
Honderd Cols TochtMont Ventoux, Col de la Bonette, Col du Tourmalet, Cormet de Roselend en de Col du Galibier. Wielerliefhebbers zitten voor de buis gekluisterd wanneer de Tour daar passeert. De 100 Colstocht heeft nog veel meer van deze reuzen in haar ruim 4000 km tellende route opgenomen. Daarbij ook nog een aantal côtes en cols met een onbekende naam maar percentages die er niet om liegen, 15% is geen uitzondering.

WTC De Hellen heeft 2 leden die beiden 2 keer deze monsterrit hebben voltooid: Hans de Brouwer en Piet Kuijten.

Piet had dit jaar nog 1000 km op zijn programma staan. Dit keer wilde hij niet kamperen maar overnachten in hotels en chambres de hôtes. De route zou vooral de Franse alpen bevatten. Misschien ben ik dan je maatje liet ik hem vorig jaar weten. Dat misschien ging er af en een planning werd gemaakt. Op 3 augustus vertrokken we met de auto naar Saint-Claude.

Een dag later met de trein naar Orange en daarna rond het middaguur op de fiets. Lunch in Chateauneuf-du-Pape en een eerste overnachting in le Barroux, vlakbij de Mont Ventoux.

Honderd Cols TochtTijd om een plan voor de volgende dag te maken. Ik vroeg hoeveel km we na de afdaling van de Ventoux nog zouden rijden waarop Piet heel gedecideerd zei: “Je moet van de klim genieten, trek er maar gerust een hele dag voor uit”. OK, dacht ik, we zullen zien.

De volgende dag, 5 augustus begonnen we al vroeg aan de klim vanaf Bedoin naar de top van deze grillige berg op 1911 m hoogte. Het was warm en we waren niet alleen.

Honderden fietsers met allemaal hetzelfde doel, alleen een paar zoals wij met bagage. Bonjour, bonne route, respect avec votre baggage, het was leuk dit te horen. Tot 9 km bleef dit duren, daarna reden de fietsers ons puffend en kreunend voorbij. Het werd 35 gr, waar bleef de wind van de berg? Het was ploeteren in het bos. Een Belg kwam me voorbij en zei heel plechtig: "Dit is niet om te lachen, hè".
Piet had een slechte dag en kwam een half uur na mij bij chalet Reynard aan.

In het open stuk daarna ging het beter en zijn we samen rustig naar boven gereden met uiteraard een stop bij het monument van Tommy Simpson. Op de top het gebruikelijke beeld van fietsers en gemotoriseerde toeristen. Een jackje aan in de afdaling naar Malaucene was niet nodig, vanaf 1500 m kreeg je het zelfs weer warm.

Rond 15.30 uur waren we beneden en vonden snel een hotel. Over verder rijden hebben we niet meer gesproken. De dagen erna bleef het erg warm. We kozen ervoor om rond 7.30 u op de fiets te zitten. Maar je ontkomt toch niet aan het stukje van de middag dat bloedheet was zoals de weg naar Valensole waar het 40 gr was.

Honderd Cols TochtIn de Gorges du Verdon hadden we geluk, vaak in de schaduw en af en toe een wolk. De omgeving was prachtig. Van grote hoogte neerkijken op het meer van Saint-Croix, de schitterende gorges onder ons en de onderdoorgangen langs de rotsen. En overal prachtige wegen waarop de automobilisten heel goed rekening met ons hielden. Behalve die ene Nederlander die totaal onnodig volledig links door de bocht reed en ons bijna schepte.

Honderd Cols TochtOp zondag 9 augustus zouden mijn dochter Maartje met haar vriend Rutger een stukje met ons meerijden door de Gorges de Cians, waarna we in Beuil gingen overnachten. De afstemming klopte prima en vanaf halverwege, toen we elkaar ontmoet hadden, ging de fotoproduktie fors omhoog. De werkelijk schitterende omgeving gaf daar ook alle aanleiding toe. We hadden een uitstekend hotel, een heerlijk diner maar wat een vliegen. We werden verrast met een heerlijk toetje.

De volgende dag reed Maartje met ons nog het restant van 6 km van de Col de Couillole en vervolgens naar beneden naar Saint-Sauveur. Rutger had in een fel klimmetje naar het hotel een spaak gebroken en kon dus niet mee. Halverwege de afdaling even gestopt om Maartje tijd te geven haar handen te ontspannen, het was immers haar eerste grote afdaling nog wel in het wiel van haar vader. Beneden namen we afscheid, wij linksaf richting col de la Bonette en zij naar de fietsenmaker in Saint-Sauveur waar Rutger met zijn fiets naar “Rings” ging. Overigens lukte dat daar niet en ook later niet in Castellane. De spaak is opgestuurd vanuit Nederland. Dinsdag opgestuurd, donderdag in Castellane.


  Honderd Cols TochtDe klim naar de Col de la Bonette is 52 km, waarvan de eerste 25 km 2-3% stijgen. Inmiddels was het behoorlijk gaan regenen en de vooruitzichten waren slecht. Tijdens de koffie in Isola besloten we dat doorrijden niet verstandig was. Het werd een halve rustdag. De volgende dag was het goed weer en kregen we al vlug te horen dat we verstandig waren geweest. 5 gr op de top, veel moddersporen op de weg, geen fietsers, kortom een wijs besluit. De klim ging goed en er bleef ook voldoende tijd over om te genieten van de steeds meer veranderende omgeving. De top ligt op 2715 m maar de liefhebbers kunnen door naar 2802 m via een extra aangelegde weg met 10-15% stijging. Doel was destijds om zo de hoogste fietsbare bergpas van Europa te hebben. Wij hadden geen behoefte aan de extra meters en deden de jasjes aan voor de afdaling want het was fris. 

Piet ging steeds beter rijden en bij mij ging de motivatie naar beneden. De volgende dag wachtte de Col de Vars, 2100 m hoog. Het was weer erg warm. Ik merkte dat ik wel tempo kon houden maar dat het steeds meer moeite kostte om er echt plezier aan te beleven. Ik was blij het hotel te zien. De Col de Izoard, 2350 m, stond de dag erna op het programma.

Tijdens de klim in het gezelschap van de nodige vliegen besloot ik in Briancon te gaan stoppen en de rest van het traject niet meer af te maken. Na de afdaling heb ik dit Piet verteld en hebben we samen besproken hoe we verder zouden gaan. Uiteraard zou ik Piet niet in de steek laten. We waren er snel uit. Ik zou met de trein naar Saint-Claude gaan om de auto op te halen en daarna terug rijden naar Piet om vervolgens samen de route af te maken. De tassen van Piet konden dan in de auto blijven wat weer een of twee tandjes scheelt tijdens het fietsen.

Honderd Cols TochtTheorie en praktijk zijn in de Hautes Alpes verschillende zaken. Briancon-Gap-Grenoble en daar overnachten. Volgende dag Grenoble-Lyon-Bourg-en-Bresse-Saint-Claude. Om 13.30 u de auto in en rond 18.00 u was ik in Bonneval-sur-Arc waar Piet al fris gedoucht in het hotel zat. De reusachtige col de Iseran, 2770 m, was voor Piet de volgende col. 
Het regende de hele avond en nacht maar om 8 uur was het droog bij een temperatuur van 7 gr. Af en toe mistig maar het bleef tot boven droog. Er was verder maar een fietser op de berg. Op de top kwam een Duitser van de andere kant. Hij vond het genoeg en ging met de auto naar beneden. In dikke mist met een zicht van soms 30 m ging Piet rustig naar beneden. 


Tijdens de lunch in Bourg-St-Maurice begon het te regenen en het hield niet meer op. De Cormet de Roselend wachtte. Piet stapte op en reed die niet gemakkelijke berg gewoon omhoog. Wat een bikkel. Boven was het 8 gr en toen ging de fiets achterop. Onverantwoord om nu naar beneden te rijden. De rest van het traject hebben we zo samen afgemaakt, Piet op de fiets en ik in de auto. Hierdoor heeft Piet voor de tweede keer de route van de 100 Cols afgelegd. 

Een tocht die op de website 100cols.nl bestempeld wordt als de zwaarste fietstocht ter wereld maar ook de allermooiste. 

Hoe kijk ik nu terug op deze tocht? Ik had het niet willen missen. Met mijn fietservaring van ruim 30 jaar met ook de nodige cols in diverse landen, meerdaagse tochten naar Praag, Groene weg naar de Middellandse zee en Santiago de Compostela wilde ik deze uitdaging aangaan. Met Piet Kuijten als zeer ervaren reisgenoot had ik er alle vertrouwen in. Mijn lichaam protesteerde niet maar ik leerde andere grenzen kennen. 

Honderd Cols TochtLag het aan de warmte, de steeds repeterende dagindeling van omhoog-omlaag of aan de manier waarop we fietsten met de nodige fotostops? Van alles wat denk ik. Onderschatting zeker niet maar fluitend naar Santiago rijden is heel iets anders dan de 100 Colstocht. Na ruim een maand thuis denk ik er nog steeds hetzelfde over. Ik ga beslist nog een stuk van deze tocht rijden maar dan alleen. Voor mij werkt dat waarschijnlijk het beste. 

Met Piet heb ik een paar gezellige weken gehad en het deed me heel veel plezier om te zien hoe blij hij was bij het plaatsnaambord La Crêt en om zo deze monstertocht voor de tweede keer tot een goed einde te brengen. 

Ik ben wel reuze benieuwd of het register van de Honderd Cols Tocht uitgebreid wordt met leden van WTC De Hellen. Je krijgt het niet voor niets maar het is beslist de moeite waard.
up