Wieler Toer Club De Hellen

Inlogformulier

Zoeken

Artikelen

Gerrit van Heeswijk

Door: Gerrit van Heeswijk
 
3 augustus 2003

Sault - Mont Ventoux - Buis-les-Baronnies
Oftewel een etappe van onze fietsvakantie in Frankrijk
Gerrit van Heeswijk op de Mont Ventoux_1
Zondag 3 augustus 2003 7.30 uur:
We verlaten de camping in een poging vanuit Sault de Mont Ventoux te gaan beklimmen. Wekenlang spookte hij door mijn hoofd, deze berg, ik beloofde mezelf en anderen niets doch zou het moment van de dag afwachten (je kunt immers nooit tevoren weten hoe je je op een bepaalde dag zult voelen en wat voor weer het dan zal zijn). Allerlei verhalen waren er gehoord en gelezen over hoe het zou zijn op die pukkel in de Provence, hoe warm het er kan zijn, hoe koud het er kan zijn, hoe winderig en hoe stil. Als de dag echter nadert dat je je enige poging kunt wagen gaat het echter kriebelen: dit moet ik toch gewoon doen!! Diverse fietsers van onze groep hebben het er over gehad en enkelen willen er niet eens over denken, anderen zijn het met mijn plan eens om de geplande tocht te laten voor wat hij is en samen een alternatieve route van Sault naar Buis-les-Baronnies te fietsen om zo de Ventoux mee te kunnen nemen. Uiteindelijk blijven er slechts twee leden van de groep over die het gewoon gaan doen. Al fietsend weet ik dat Hans (mijn klimmaat van die dag) beter omhoog gaat dan ik: hij heeft de Ventoux jaren geleden al eerder beklommen en daarom geef ik hem de mededeling dat hij niet langer dan een uur boven hoeft te wachten: ben ik er dan nog niet dan ben ik waarschijnlijk omgedraaid en kan hij zijn eigen plan trekken.
8.00 uur: Hans is uit het zicht, ik ben alleen op de flanken van de Ventoux en heb het rijk en mijn gedachten voor mezelf. Ik kijk vooruit hoe de weg loopt en vergelijk dat met de kaart die ik in mijn stuurtas heb zitten, elke bocht probeer ik op de kaart terug te vinden in een poging mijn vooruitgang te bekijken.
8.30 uur: Geen verandering in de situatie: de weg kronkelt verder door het bos naar boven, soms kan ik een heel stuk zien, soms heel weinig.
8.45 uur: Allerlei gedachten spoken door mijn hoofd: ……… opgeven kan toch niet ……… waar zou Hans nu rijden ……… hoe zou het op de camping zijn ………. hoe gaat het met Dini die nu met de andere reisgenoten een andere tocht fietst ……… verdomme, een steen midden op de weg: da’s te gevaarlijk voor fietsers die afdalen, die zal ik maar even in de berm van de weg leggen ……… zou er ook nog iemand achter mij aanrijden ……… vooruit doortrappen.
 

9.00 uur: Een uitkijkplaats langs de weg met uitlegpaneel: toch maar niet stoppen want voor je het weet sta ik zo van het uitzicht te genieten dat ik de berg vergeet en zo een te grote achterstand oploop. Het gaat hier trouwens wel erg gemakkelijk: deze laatste kilometer voor Chalet Renard is wel erg vlak en ik haal dat punt dan ook zeer gemakkelijk om aldaar even de bidons bij te vullen. Daar is ook de knik in het wegdek te zien die aangeeft dat je aan de laatste 6 kilometers gaat beginnen: het maanlandschap! Ik rij nog een Zwitser voorbij terwijl hij bij zijn vrouw/vriendin bij de auto staat: die zal ik nog vaker zien die ochtend.
9.10 uur: de eerste kilometers door het maanlandschap liggen achter me, dit is echt werken. Leuk al die kilometerpaaltjes met daarop het stijgingspercentage: is dat om te bemoedigen of om te ontmoedigen? De vrouw van de Zwitser komt voorbij om even verderop weer op hem te gaan staan wachten.

9.20 uur: ik kruip verder naar boven, om nu nog op te geven moet je echt gek zijn. Ik kijk voor me en zie al fietsers naar beneden komen; zij hebben het gehad en kijken dan ook soms gelukzalig in mijn richting: een enkeling groet me. Omkijkend zie ik dat de Zwitser eindelijk bij zijn vriendin is aangekomen. Zij komt me even later weer voorbij om naar een volgend rustplekje te rijden.

9.30 uur: Het monument van Tommy Simpson: even wachten, kijken en een foto maken. Dit is het enige moment dat anderen me voorbij fietsen, maar ja, die staan ook niet even stil. Ook de Zwitser rijdt me hier voorbij op jacht naar zijn vrouw.

9.40 uur: Ik zie Hans staan bij de top; omdat ik zie dat hij naar beneden kijkt trek ik zijn aandacht door te zwaaien: hij zwaait terug en weet dus dat ik in aantocht ben. De laatste kilometer gaat beginnen.

9.50 uur: De laatste meters: Hans neemt een foto terwijl ik het plateautje opfiets: ik ben er, ik heb het gehaald: weer een col aan mijn palmares toegevoegd. Het is niet druk, het is niet koud, het is niet winderig het is een leuke temperatuur op de top vol uithijgende mensen die zich allemaal afvragen waarom het winkeltje nog niet open is. Iedereen is wel zeer tevreden. Als ik de wachttijd bij Chalet Renard van het totaal aftrek plus het stukje tijd voor het fietsen van de camping naar de voet van de berg mag ik zeggen dat ik binnen twee uur boven gekomen ben. Ik ben tevreden.

10.00 uur: De afdaling gaat beginnen: we nemen de weg naar Malaucene. Dit is een werkelijk schitterende afdaling met een prima wegdek, goed geasfalteerd en belijnd. Velen komen ons tegemoet als we met snelheden van ruim boven de 60 (maximum was 78,5 km/u) naar beneden suizen: mensen met en zonder bepakking, mensen op een tandem, mensen die op een steeds sterkere wijze gaan “genieten” van de sterker wordende zon (het zou die dag weer dik boven de 35º worden).

Terwijl ik afdaal en het wegdek en de hellingshoek bestudeer denk ik dat ik het niet nodig vind om in diezelfde week deze berg nog een keer via deze kant te beklimmen. Hans denkt daar anders over en beklimt hem twee dagen later nogmaals vanuit Malaucene. Chapeau!

P.S.: Tijden bij benadering, maar veel scheelde het niet met de werkelijkheid.

up