Wieler Toer Club De Hellen

Inlogformulier

Zoeken

Artikelen

Diekirch-Valkenwaard 2006


Door: Mart Mommers
 
Zaterdag, 26 augustus 2006
 

Geen tocht voor watjes

Door deze kop lijkt het alsof de eerdere twee edities van deze tocht makkelijker waren. Niets is natuurlijk minder waar. Zelf kan ik dat moeilijk beoordelen omdat ik door omstandigheden die eerdere versies niet heb kunnen fietsen. Diekirch-Valkenswaard is dus geen tocht voor watjes, niet de versie van 2006 en ook niet van eerdere jaren. Het is een tocht die veel van je vergt. Alleen met uithoudingsvermogen, inzet, karakter, doorzettingsvermogen, en natuurlijk de nodige trainingskilometers, is D-V te fietsen. Waren alle eerdere versies ± 265 km., deze editie was nog wat langer doordat we in een hotel verbleven in Vianden, dat op 13 km. fietsen van Diekirch ligt. Voor mezelf geldt bovendien nog dat ik extra kilometers heb gemaakt doordat ik een routebordje gemist heb. Totaal stond er daardoor op mijn teller 290 kilometer. Geen misselijke afstand dus. Graag wil ik jullie deelgenoot maken van mijn ervaringen.

De week voor D-V was het hondenweer. Ook de vrijdag van vertrek was niet veel anders. De groepsfoto buiten moest in alle haast gemaakt worden omdat er een enorme regenbui losbarstte. Dit is nagenoeg de gehele dag zo gebleven en dat voorspelde niet veel goeds voor de zaterdag. Door verbouwingswerk-zaamheden werd de groep dit keer in twee hotels ondergebracht, één klein select gezelschap in hotel Berg en Dal, en het plebs in hotel Petry.

Tijdens het inchecken werd door Theo nog van kamer gewisseld omdat het bedje voor hem en Ad nauwelijks te bereiken was. Gelukkig, of juist niet, was dat mogelijk omdat Marius de Vries zich een dag tevoren had teruggetrokken van deelname. De reden was natuurlijk een dubieuze omdat zo’n jonge hond en ‘klasbak’ als hij D-V zonder moeite kan fietsen, ondanks een weekje Franse Alpen. Misschien dat de echte reden gezocht moet worden in het hellenklassement, waarin Marius op een zodanig achterstand was gezet door onze 65-jarige dat winst niet meer mogelijk was.

Na het inchecken werden we door Sjef uitgenodigd om een pilsje te pakken vanwege zijn 49e verjaardag. Na voor Sjef ook nog even te hebben gezongen ging er een lekker witbiertje wel in. In groepjes werd daarna nog even de benen gestrekt en werd Vianden onveilig gemaakt. Schuilend voor de regen op een terras, ja, er is altijd wel een excuus te bedenken om daar te gaan zitten, werd gediscussieerd over het hellenklassement en mogelijke verbeteringen. Een gele trui bijvoorbeeld om de leider van het klassement herkenbaar te maken, een witte voor de beste jongeling en natuurlijk ook een bolletjestrui. Raymond hoopt dat er tijdens de ledenvergadering veel suggesties en ideeën worden gedaan om het allemaal nog leuker te maken.

Na terugkeer in hotel Berg en Dal werd vooruitgeblikt op de dag die zou komen en natuurlijk werden er voorspellingen gedaan over het weer. Hendrik bracht ons het goede bericht dat het nagenoeg, misschien, wel droog zou zijn. Hij zou er nog niet zover naast zitten maar niemand geloofde dat op dat moment. Zo rond de klok van tien werden de bedjes opgezocht om te proberen wat te slapen. Om 04.45 uur ging de wekker en Theo, Menno, Raymond en ikzelf waren er snel uit. Volgens het programma zouden we om 05.30 uur ontbijten zodat we om 06.15 uur op de fiets konden vertrekken naar de startplaats. Onze kamer zat geloof ik al om 05.15 uur aan het ontbijt en daar waren we snel mee klaar zodat de vertrektijd ruimschoots werd gehaald. Het gevolg was dat alle fietsers zich op de buitenplaats verzamelden waar menig hotelgast uit de slaap werd gehouden door het zenuwachtige gekwek van de renners. Een jongedame kwam uit het raam hangen met het vriendelijke, maar gedecideerde verzoek, om toch alstublieft rekening te houden met alle andere gasten, niet beseffende dat wij iets groots gingen presteren en daar vol van zaten. Rustig zijn we in het donker vertrokken met voor en achter ons de volgauto’s. Ad Sprengers werd door de volgauto naar Diekirch gebracht omdat hij herstellende was van rugklachten en eigenlijk de dag tevoren nog niet wist of hij zou starten.
Diedkirch-Valkenswaard 2006_1Na een voorspoedig ritje kwamen we aan bij het Centre Sportif waar dit jaar voor het eerst werd vertrokken. Sneller dan verwacht, passeerden we om 07.15 uur de startlijn, waarna het feest pas echt begon. Het was gelukkig droog, wel een beetje heiig, en de groepjes werden geformeerd. Zelf vertrok ik in de B-groep, omdat ik de laatste 6 weken nauwelijks had gefietst, en ik geen zin had in het straffe tempo dat de A-groep ongetwijfeld zou gaan rijden. Maarten Scholtze had zelfs een motorrijder uit Nederland over weten te halen hem te begeleiden zodat hij een goede tijd zou rijden. Een goede tijd zou hij ook inderdaad rijden maar van zijn ploeggenoten hoorde ik na afloop dat Maarten van de 265 kilometer slechts 3 ervan op kop gereden heeft. Maarten is wat dat betreft dan ook aardig door het ijs gezakt. Niettemin een prestatie van formaat als je met een snelheid van 29,2 km. per uur gemiddeld weet te finishen. Voor wat betreft de feiten beperk ik me tot de B-groep omdat ik daar deel van uitmaakte. Deze groep bestond aanvankelijk uit: Huub de Bie, Wout van den Broek, Sjef Verhoeven, Peter Hamilton, Jan van Nunen, Dyon Staps, Menno Henssen, Martijn Schoormans en ikzelf. Na een twintigtal kilometers besloten Jan en Dyon hun eigen tempo te rijden aangezien de overige rijders net iets te hard van stapel gingen. Dat ze dit goed gezien hadden bleek later wel. Veel grind zorgde er voor dat de eerste de beste afdaling voorzichtig werd gedaan.

 

Onder leiding van onze sterke Sjef haalden we groepjes fietsers in. Juist voor de eerste controlepost in St. Vith kregen we de Luxemburgse Keuteberg te bedwingen; de Thommersberg met een percentage van ± 20 % en een vergelijkbare lengte. De meeste leden zullen deze berg in het Limburgse wel eens gereden hebben en het is dan de dood of de gladiolen.Je bent alleen maar met jezelf bezig en die verdomd lastige berg waarvan je de top fietsend wil bereiken. Juist voor de top moest Martijn, die juist voor me reed, afstappen. Waardoor hij er af moest heb ik niet kunnen zien maar door de vele fietsers lukte het hem ook niet meer om op te stappen dus was het wandelen geblazen.Bij de eerste controlepost hoorden we dat we slechts 15 minuten achterstand hadden op de A-rijders. Voor ons een extra motivatie om er weer snel vandoor te gaan, nadat we een heerlijke beker champignonsoep genuttigd hadden, met dank aan Frans en José. Via vele beklimmingen in de Belgische Ardennen vervolgden we de route waarna de tweede controlepost volgde bij het stuwmeer van La Gileppe. Nog steeds was het goed weer en we hadden nog geen spatje regen gehad. Onze trouwe volgers José en Frans stonden daar weer met de bevoorrading. Intussen waren Huub, Peter en Martijn licht achtergeraakt. Op deze controlepost stond Co Geboers te wachten. Het tempo in de A-groep was hem te machtig geworden en hij besloot, mede vanwege de geringe verschillen tussen beide groepen aan te sluiten bij de B-rijders. Met Co in de gelederen stoven we naar beneden met een vaartje van over de 60 kilometer per uur, goed oplettend op de vele gaten in het wegdek. De eerste tekenen van verval waren bij mij merkbaar. De eerste fietsers waren wat sneller weg dan ik en het kostte me erg veel moeite om weer aan te sluiten. Dat was een teken aan de wand maar tegen beter weten in probeerde ik het tempo van de andere bij te benen. Wat later zou me dit behoorlijk gaan opbreken. Ik kon het tempo niet meer bijbenen en besloot om alleen verder te gaan en de groep te laten rijden. Ongeveer 50 kilometer heb ik alleen gereden in eigen tempo. Juist vóór de derde controlepost mistte ik een routebordje, waardoor ik ongeveer 10 kilometer ben omgereden. Tijdens dat deel van de route passeerden we Clermont, jullie bekend van de pauzeplaats tijdens een van de tweedaagsen. Daar konden we ons heerlijk uitleven op de kinderkopjes die daar speciaal voor ons waren neergelegd. Bij de derde controlepost aangekomen was er geen volgauto te bekennen. Na een drankje en toiletpauze besloot ik mijn vermoeide benen maar weer in gang te zetten toen Frans en José met volgauto B arriveerden in gezelschap van Huub, Peter en Martijn. Ik besloot met hen verder te gaan maar ook dat viel niet mee. Huub en Peter gingen er als een speer vandoor om aan te sluiten bij een andere groep. Martijn reed al een stuk voor me en hij besloot te wachten om mij naar Huub en Peter terug te brengen. Ik voelde de energie uit mijn lijf wegvloeien en gaf Martijn aan dat hij maar moest doorrijden. Martijn heeft vervolgens een hele tijd alleen proberen de groep te bereiken maar dat lukte hem ook niet meer. In de verte kon ik Martijn steeds blijven volgen. Frans reed in de volgauto door naar Martijn om deze in overweging te geven samen met mij door te gaan. Martijn kwam snel in zicht en we besloten, eigenlijk tegen beter weten in door te rijden. Als we toen de regenbui hadden gehad waarop groep A bij Leende/Budel is getrakteerd dan hadden we nu geen vetleren medaille gehad dat kan ik jullie verzekeren. We probeerden elkaar wat op te beuren maar dat lukte niet echt. Links en rechts vlogen ons grote bussen renners voorbij, aanpikken lukte absoluut niet. Frans wist ons op te beuren bij kilometer 205 dat we nog maar 12 km., 3 dorpen verder, hoefden te rijden naar de volgende controlepost. Dat zoiets wel eens funest kan zijn voor een wielrenner als die post al maar langer en langer wegblijft hoef ik jullie niet te vertellen. Bij kilometer 217 was er geen post te bekennen. Uiteindelijk bleek die nog ongeveer 25 kilometer verder te liggen. Op weg daarheen passeerden ons Jan en Dyon veilig in een grote bus. Zij reden met het koppie, ofwel maakten gebruik van de krachten van een ander. Zij vertelden dat ze nauwelijks kopwerk hadden gedaan en zich mee lieten slepen in de slipstream van groepjes die voor hen het juiste tempo reden. Natuurlijk moesten ze daarbij zelf nog wel de fiets in beweging zetten. Met mijn goedvinden, alsof hij dat nodig had, sloot Martijn zich bij die groep aan zodat ik weer op mezelf was aangewezen. Met het laatste restje energie wist ik de controlepost in Bree/Kanaalkom te bereiken. Ik heb daar 2 marsen naar binnengewerkt en wat gedronken. Ik trof daar Martijn samen met Peter en Huub. Ook José en Frans van volgwagen B waren daar. Daar hoorde ik dat het nog max. 35 kilometer fietsen was tot Valkenswaard. Ondanks mijn vermoeidheid besloot ik toch door te gaan. Met Frans sprak ik af dat de volgwagen door kon rijden naar Valkenswaard en wanneer ik écht niet verder meer zou kunnen dat ik hen dan zou bellen. Nadat Frans aangaf vooral aan mezelf te denken fietste ik weg in een tempo van 25 km. per uur. Dit heb ik zo een hele tijd vol kunnen houden en het ging stilaan wat beter waardoor het tempo zo rond de 27/28 kwam te liggen. Ik heb wel iedere kilometer onder me door zien glijden maar wist dat ik de eindstreep zou halen. Een dik uur verder kwam ik in de buurt van het eindpunt en jullie kunnen je niet voorstellen welk gevoel er door me heen ging toen ik een bordje zag staan waarop stond dat het naar Valkenswaard nog maar 2,8 km. was. Toen ik vervolgens de politiemotor zag naderen die me zou begeleiden naar de finish was het helemaal klaar. Het was 18.55 uur toen ik met een erg vermoeid, maar tevreden gevoel, het finishdoek passeerde. Toen bleek dat Martijn, Huub en Peter ook nog maar net binnen waren. Via de gebruikelijke weg ontving ik de kussen van de rondemiss en mocht ik een rondje door het café maken. Via de achteruitgang, dat vind ik toch wel een minpuntje, moest ik de volgauto zien te vinden op de Markt. Daar heb ik me wat opgefrist waarna ik de fietsers opzocht die al binnen waren. Alle fietsers van onze vereniging hebben de tocht wederom uitgefietst en dat is een buitengewone prestatie ongeacht het tijdstip van finishen. Complimenten allemaal aan jezelf. Frans en José wil ik bedanken voor de bevoorrading en vooral hun morele ondersteuning. Ik denk dat ik het zonder hen niet gered zou hebben. Ook Martijn wil ik bedanken voor zijn gezelschap tijdens die o zo lange laatste 90 kilometer. Klasse.

Namens alle fietsers wil ik ten slotte Jan bedanken voor de organisatie vanuit onze vereniging van drie jaar Diekirch-Valkenswaard.

up
StartVorige12345VolgendeEinde